1928: primeur olympisch vuur

In de wereldwijde olympische geschiedenis zijn de Olympische Spelen van 1928 van enorm belang. Voor de eerste keer in de geschiedenis werd dit evenement namelijk opgeluisterd door het olympisch vuur - één van de beroemdste olympische symbolen. Op veertig meter hoog werd dit ontstoken in de Marathontoren, nog altijd het markante herkenningspunt van het Olympisch Stadion. Architect Wils besloot dat in de schaal bovenin de toren, overdag rookpluimen zouden opstijgen en ’s avonds vuur. Een slimme vondst, want zo kon heel Amsterdam al in de verte zien dat de Olympische Spelen bezig waren – ook overdag.  Enkele tientallen meters lager streden 2.867 sporters uit 46 landen om de olympische titels. 

de opening van de Olympische Spelen in Amsterdam - 28 juli 1928 

Vrouwelijke sporters op internationaal toneel 

De Spelen van 1928 betekenden de internationale doorbraak van vrouwensport. Voor het eerst deden vrouwelijke sporters mee aan het olympische atletiektoernooi. Jarenlang verzet van de internationale atletiekfederatie en het IOC, twee conservatieve mannenbolwerken, was daarmee gebroken. Onder de kleine drieduizend olympiërs waren 274 vrouwen – in die tijd een nieuw record.

Ook op het onderdeel gymnastiek mochten vrouwen voor het eerst deelnemen aan de Olympische Spelen. 

Het parkeerbord 

Al enige tijd voor de start van de Olympische Spelen, werd nagedacht over de logistiek van het evenement. Want er werden tenslotte duizenden bezoekers verwacht, en daarmee ook honderden auto's. Dat zou onherroepelijk tot problemen gaan leiden in de gehele stad. 

Rond het Olympisch Stadion werden parkeerplaatsen gemaakt en om automobilisten aan te geven waar zij hun auto dienen te parkeren bedenken de Amsterdammers een internationaal symbool: de ‘P’ van parkeren, het blauwe bord met de witte P. Vanaf 1929 wordt dit stapsgewijs over de hele wereld ingevoerd en het is nu nog steeds gangbaar.

Wereldwijd succes

Voor de internationale sportwereld was Amsterdam 1928 ook van enorme waarde, omdat voor de eerste keer de winnaars van olympisch goud uit alle continenten kwamen, uit alle uithoeken van de wereld. Afrikanen, Europeanen, Amerikanen, Aziaten en Australiërs maakten met zijn allen uit wie de beste van de wereld was. De Olympische Spelen waren daarmee in Amsterdam definitief een wereldwijd toernooi geworden.

Voor Nederland was het een duizelingwekkend evenement, nog niet eerder was een groter evenement in ons land georganiseerd. Duizenden sporters, verzorgers, supporters en journalisten stroomden vanuit de hele wereld naar Amsterdam om dit mee te maken. Rassen en nationaliteiten die hier in 1928 onbekend waren, liepen wekenlang door een verbaasd Amsterdam. Vooral langs de route van de marathon stonden de Amsterdammers zich te verbazen. Er kwamen Japanners voorbij, een Canadees en zelfs een Algerijn. De toeschouwers keken geamuseerd toe hoe een Zweed twijfelde bij de verversing, omdat hij niet wist waaruit hij moest kiezen: thee, koffie, of toch een appel. Het Handelsblad schreef:

‘Onder daverend gelach pakt de Zweed ten slotte...een glas water, neemt een teug en begint weer te lopen om vijftig meter verder uitgeput neer te vallen. De Geneeskundigedienst ontfermde zich over de stakkerd.’ 

Bekijk hier ook de documentaire van Andere Tijden Sport (VPRO) over de Olympische Spelen van 1928. 

Wall of Fame

Het Olympisch Stadion was vanzelfsprekend het kloppende hart van deze Spelen. Architect Jan Wils werd zelfs met olympisch goud onderscheiden op de Culturele Olympiade, zodat zijn naam is ingehakt in de Wall of Fame in de Marathonpoort van het Stadion. Hierop staan alle namen van Nederlandse sporters, die ooit olympisch goud hebben gewonnen. Na iedere Olympische Spelen worden de namen van de winnaars bijgeschreven in de Wall of Fame.

Brengt u een bezoek aan het Olympisch Stadion? Vergeet dan zeker niet een blik te werpen op de namen van de meer dan 100 (!) Olympisch kampioenen die hier in de toegangspoort vereeuwigd zijn.